Home Vakanties Wandelpaden Fietsen Overig
 
1   Oeschinensee
2   Fründenhütte
3   Gällihorn
4   Bunderchrinde
5   Jegertosse
6   Kandergrund
7   Gemmipass
8   Blüemlisalphütte
9   Gspaltenhornhütte
10 Gastereholz
11 Doldenhornhütte
12 Lötschenpass
13 Rundum Hause
14 Oeschinensee
15 Tot slot

Dag 7: Een uit de hand gelopen route naar de Rote Chumme

blik in Wallis op de Gemmipass

blik in Wallis op de Gemmipass

In de vroege ochtend zou nog een staartje regen van donderdag kunnen vallen en inderdaad, iets na 6 uur ’s morgens regent het nog. Toch staan we niet al te laat op want al in de loop van de ochtend zou de regen moeten wegtrekken. Als rond 8 uur de eerste blauwe gaten in het wolkendek te zien zijn laden we de rugzakken op onze schouders en gaan meteen op pad.
Voor de dag-na-een-regendag hebben we een ideaal pad: omhoog naar Stock, en vervolgens richting Schwarenbach. Brede paden, na Stock geen sterke stijging en toch niet flauw.

zwammen, dat was niet voorzien!, schuilen bij Schwarenbach, het trekt op

zwammen, dat was niet voorzien!, schuilen bij Schwarenbach, het trekt op

De route naar Stock gaat keurig. Eerst te voet langs de Kander en het Scout Centre, en als het stijgen begint breekt de zon een beetje door. Prima, dat wordt dus een mooie wandeldag ... Jammer dan, net onder Stock lopen we een wolk binnen en begint het te druppen, gevolgd door een echte regenbui wanneer we voorbij Stierenbergli de almen van Spittelmatte oplopen.
Eerst de paraplu’s, en tot slot ook de regenjacks moeten weer uit de rugzakken komen. Buiten pauzeren is niet echt leuk zo en daarom lopen we fluks door naar Hotel Schwarenbach. De kapstok hangt daar vol met regenjassen en binnen is de gelagkamer goed gevuld. Mmm, heerlijk, een mok warme thee.

blik op Leukerbad, achtster, Altels, Daubensee

blik op Leukerbad, achtster, Altels, Daubensee

Terwijl wij binnen opdrogen droogt het buiten ook op. Na een half uurtje teuten bij de thee zien we mensen langskomen zonder paraplu, en zonder capuchon. Ja, tijd om weer aan de wandel te gaan. Wie weet gaat de bewolking nu snel optrekken, zullen we naar de Gemmipass gaan? Dan zien we eindelijk eens wat Walliser bergen.
Op het hoofdpad langs de Daubensee is het druk, iedereen heeft blijkbaar bedacht dat het boven leuk zou kunnen zijn. Bij de Gemmipass wederom weinig uitzicht. We zijn hier al vaak geweest maar slechts één keer konden we werkelijk tot in Italië kijken.

Hoog tijd voor de lunch, liefst op een luw plekje want het kan hier flink waaien. We vinden een prima picknickplaats uit de wind en in de zon, en slaan een flink gat in de broodvoorraad. Wat smaakt dat goed, als je ‘gewerkt’ hebt. Ook maken we plannen voor de rest van de dag. Als we een beetje doorlopen kunnen we nog wel naar de Rote Chumme, dat bijzondere pasje boven Hotel Schwarenbach.

volop gentianen iets meer water dan verwacht

volop gentianen, iets meer water dan verwacht

Een goede keuze. Langs de andere kant van de Daubensee is het pad een stuk rustiger. Af en toe laat de zon zich zien, af en toe is het flink bewolkt. Op zulke mistige momenten is de omgeving, die toch al onaards oogt, bijna unheimisch.
Door alle regen van donderdag lijkt het pad soms wel een klein bergbeekje. Toch is niet iedereen daar op gekleed. Op een gegeven moment halen we twee mannen in, waarvan eentje op blote voeten in sandalen! En dat terwijl er in de buurt van de Rote Chumme (boven 2600 m) verse sneeuw is gevallen ...

verse sneeuw op de Rote Chumme de pas voor ons alleen unheimisch ja, daar waren we net!

verse sneeuw op de Rote Chumme, de pas voor ons alleen, unheimisch, ja - daar waren we net!

Op de Rote Chumme hebben we de bergen voor ons alleen. Heerlijk in de zon, maken we het laatste brood soldaat bij een kop thee. Wat hebben we het goed. Na het pasje gaan we richting Tälli en het Üschinental. Af en toe ligt er nog wat sneeuw op het pad, we kunnen er aan zien dat we hier vandaag de eerste wandelaars zijn. Nu moeten we omlaag, omlaag. Dat valt niet mee, als er al meer dan 7 wandeluren op zitten. Tot aan het Schwarzgrätli lopen we door terrein met grote rotsblokken, die wel door reuzen weggegooid lijken. Daarna trekken we het Üschinental in, en dat betekent alpenweiden.

witje of apollo?, de zon breekt door, grote rotsblokken, het Üschinental

witje of apollo?, de zon breekt door, grote rotsblokken, het Üschinental

En alpenweiden, dat betekent modder. Op de hogere almen valt het wel mee maar wanneer we eenmaal koeien beginnen tegen te komen moeten we soms goed uitkijken waar we onze voeten neerzetten.
Talloze stroompjes moeten we oversteken via stapstenen. De regendag heeft ervoor gezorgd dat dat soms niet meevalt. Bij een breder beekje gaan we in de buurt van het pad op zoek naar een goede doorwaadbare plaats, wat niet zo makkelijk lijkt. Totdat een koe ons even voordoet hoe het moet: gewoon van padeinde naar padbegin, de stapstenen liggen maar een klein beetje onder water!

Schwarzgratli murmeltier!

Schwarzgrätli, murmeltier!

We zijn wel blij wanneer we op de ‘grote’ weg door het dal komen. Dit is lekker lopen aan het eind van de dag. Geen modder, geen koeienvlaaien, geen glibberige stenen. Tot onze verbazing is het híer, in de ‘bewoonde wereld’ dat we ons eerste alpenwild van deze vakantie zien. En dat allemaal dankzij een Nederlandse familie waarvan de zoon een fijne neus voor murmeltiere heeft.

Een praatje met landgenoten kan best leuk zijn. Terwijl we staan te buurten gaan zoon en dochter achter het murmeltier aan. Geen rots is hen te hoog!
Daarna de laatste loodjes. Om half 7 zijn we thuis, en hónger dat we hebben! Gelukkig is er een snelmenu op voorraad. Vóór zevenen storten we ons op een buitenformaat portie pasta met tonijn en pesto. Morgen een mooie, zonnige dag. Dat wordt dus de Blüemlisalphütte!

Route op 30 juli 2010