| Home | Vakanties | Wandelpaden | Fietsen | Overig |
Dag 4: Naar de Sefinenfurgge
op de Sefinenfurgge |
||
|
Er wordt vandaag geweldig weer voorspeld en dus gaan we het erop wagen: de tocht naar de Sefinenfurgge die we al zo lang willen lopen. Oppervlakkig bekeken ligt het voor de hand om in Stechelberg te starten, maar nader beschouwd is het nog niet zo’n slecht idee om gewoon in Lauterbrunnen te beginnen. We maken dan meer kilometers, daar tegenover staat dat het routeverloop iets gemakkelijker lijkt. We moeten wel vroeg op stap, want het gaat een lange dag worden. Dus gaat de wekker om zes uur en trekken we iets na half zeven de voordeur achter ons dicht. Het schemert nog en het is fris. Toch geen truien aan, terecht want vandaag gaat het echt héél snel, héél steil omhoog! Na 80 minuten hebben we al 800 hoogtemeters gehad. We zijn dan bij Winteregg, totaal niet gepland. In het bos wordt namelijk gekapt en een flink stuk is wegens ‘Holzschlag’ tot verboden terrein verklaard. Dus volgen we vanaf Winteregg de gymschoenenroute naar Mürren. Op deze mooie dag zullen een paar uur later ongetwijfeld weer hordes dagjesmensen een ‘echte’ bergwandeling maken, nadat ze eerst met het baantje naar Winteregg zijn gegaan. Nu is het nog rustig, en een vlucht notenkrakers is de baas. In Mürren houden we op dezelfde plaats pauze als op zondag. Wat een verschil! In het ochtendlicht lachen witbesneeuwde toppen ons nu toe.
een bekend hutje van jaren geleden, ’s ochtends bij helder weer, Tanzbödeli, het rotskopje van Bryndli Maar we blijven niet lang zitten, er is nog werk te doen! De tocht naar de Sefinenfurgge is namelijk een ‘klassieke’ passentocht, en dat betekent lang. Van Mürren tot Poganggen duurt twee uur, van Poganggen tot de pas nog eens twee uur. Toch verveelt het niet. Na Mürren lopen we langzaam het dal in, heerlijk over een hoogtepad totdat we bij Bryndli even steil omhoog moeten. Links van ons zijn telkens nieuwe bergketens te zien, rechts torent de Schilthorn (met het beroemde draaiende restaurant) boven alles uit.
weer een brug, bij Bryndli, de top van de Schilthorn, het Sefinental in Dan weer een hoogtepad over de almen naar Poganggen, waar ook de Rotstockhütte staat. Ha, weer een nieuwe huttenstempel voor op de kaartomslag! Helaas, de stempel is door onverlaten gejat(!). Het laatste stuk naar de pasovergang naar het Kiental is weer een afwisseling van klimmen en hoogtepad. Misschien niet helemaal wat we gewend zijn (en ook de oorzaak dat deze route zoveel kilometers telt) maar het loopt toch best lekker. Op het laatste stukje na, dit is typisch zo’n steile klim over steengruis die je wel vaker ziet vlakbij een pas. Och, als het eind in zicht is lukt dat natuurlijk ook. En daar staan we dan, even voor half een, op de Sefinenfurgge het Kiental in te kijken! Er is behoorlijk wat volk op de been. De meeste mensen gaan ook echt de pas over, in het Kiental kun je namelijk leuk overnachten in de Gspaltenhornhütte - dat staat bij ons nog op het verlanglijstje. Het uitzicht naar het westen valt een beetje tegen, de sneeuwtoppen van Gspaltenhorn en Blüemlisalp liggen net buiten beeld. De tevredenheid is er niet minder om!
witte uitzichten, Kilchbalm, weer onder de boomgrens Dus gaan we vol goede moed op weg naar huis. Na overleg bij Poganggen besluiten we een andere route te kiezen. Toch maar naar Stechelberg, via Oberberg en Ozen, en een flink stuk langs de Sefinen Lütschine. Het pad via Ozen is prachtig. Volop bloemen, waaronder verrassingen zoals kattenkruid(?) en op een zonnige dag dus volop vlinders. Witjes en blauwtjes, kleine vossen, parelmoervlinders en allerlei soorten zandoogjes. Het kan niet op. Bij iedere stap schieten sprinkhanen weg voor onze voeten, en in het bos zien we een fraaie rups van een pijlstaart, die zonder zich te haasten oversteekt. Langs de Sefinen Lütschine is het heerlijk lopen, langzaam zakken we af naar Wasserbrigg. Daar moeten we even steil omlaag naar Stechelberg. Het voelt aan alsof we er zijn. Tja, dan vergeten we de 7 kilometer die nog tussen Stechelberg en Lauterbrunnen liggen. Er lijkt bijna geen eind aan te komen. Met het doel in zicht moeten we toch nog even pauze nemen. Maar dan, ruim na half zes, passeren we het kerkje en kunnen we ons opmaken voor de eindsprint. Jaah, we hebben het gehaald! De grenzen zijn weer verlegd. 1800 hoogtemeters, 11 uur lopen en maar liefst 35 kilometer over pad en weg. Dit record zullen we waarschijnlijk niet gauw meer breken. Gelopen op 9 september 2008 |